ATM Lichthinder OptiLAB Astrofotografie Astrotoerisme
Algemeen Ons
Zonnestelsel
23
Gouden Tips
Tijdschriften

De 23 gouden tips voor de beginnende amateurastronoom

 

De sterrenhemel met het blote oog

Het Gebruik van de sterrenkaart
  1. Gebruik als eerste oriŽntatiekaart een eenvoudige seizoens- of tijdstipsgebonden kaart uit een handboek voor beginners, tijdschrift of hemelkalender. De sterrenkaartjes in de Hemelkalender van de VVS zijn hiervoor bijzonder geschikt.
Het bekijken van de sterrenhemel 's nachts met gedempt licht
  1. Bekijk eerst onder gedempt licht de kaart, doe dan het licht uit en probeer de sterrenbeelden terug te vinden. Vermijd zoveel mogelijk de zaklamp aan en uit te doen, anders raken je ogen niet aangepast aan het donker.
  2. Indien je een zaklamp gebruikt, dan liefst een met gedempt rood licht. Zo blijven je ogen gewend aan het donker.
  3. In een stedelijke omgeving zal je wellicht minder sterren zien dan op de kaart en de zwakke sterrenbeelden nauwelijks terugvinden: de straatverlichting overstraalt immers de sterrenhemel. In een volstrekt donkere omgeving zal je veel meer sterren zien, wat voor een lichte desoriŽntatie kan zorgen. Door de overvloed aan sterren vallen de grote trekken van de sterrenbeelden immers niet meer zo sterk op.
  4. Gebruik voor het terugvinden van de planeten kaartjes uit tijdschriften of een hemelkalender. In de boeken zal je daar niets over terugvinden.
 

De sterrenhemel met de verrekijker

  1. Vooraleer over te gaan tot de aankoop van een telescoop is het raadzaam eerst vertrouwd te geraken met de sterrenhemel via binoculair of verrekijker. Een verrekijker toont je al enkele structuren op de Maan, de maantjes van Jupiter, de melkweg in al haar pracht en een groot aantal nevels en sterrenhopen.
  2. Voor starters is een standaardverrekijker in de grootte orde van 7x50 het best aangewezen.
    • 7(vergroting)
    • 50(doormeter objectief)
  3. Te kleine modellen laten niets zien en te grote verrekijkers zijn te zwaar om te hanteren en extreem duur. De optiek moet wel van goede kwaliteit zijn.
  4. Om interessante hemelobjecten op te zoeken, zijn detailkaarten per sterrenbeeld het best geschikt.
  5. Een stoel, ligstoel of zelfs matrasje zal het waarnemen zeker vergemakkelijken.
 

De sterrenhemel met je eerste telescoop

  1. Een sterrenkundige vereniging of sterrenwacht in je buurt kan je zeker leren kennismaken met de mogelijkheden van enkele telescopen. Volg eventueel een cursus sterrenkunde vooraleer tot de aankoop van een telescoop over te gaan.
  2. Goedkope aanbiedingen in grootwarenhuizen, postorderbedrijven, enz··· zijn absoluut te vermijden wegens de gebrekkige optiek en de wankelbare opstellingen.
  3. Begin hoe dan ook met een niet al te grote en niet te ingewikkelde kijker.
  4. De voorwaarde waaraan een goede telescoop voor beginners moet voldoen zijn:
    • een stevige montering op een stevig statief
    • goede optiek qua objectief en oculairen vb. PlŲssl oculairen (liefst oculairen van 37,5mm)
    • een zoeker die voldoende lichtsterk is om de gewenste objecten te kunnen opzoeken vb. een 8X40 of 10X50 zoeker
  5. Indien je voor betere waarnemingen, jezelf steeds moet verplaatsen om de telescoop te kunnen gebruiken, kies dan voor een niet al te zware telescoop. Een licht model zorgt dat deze gemakkelijker te verplaatsen is.
  6. De verschillende telescooptypes/ goede groottes voor beginners zijn echter lenzenkijkers tussen 8 en 10 cm doormeter en spiegelkijkers tussen 12 en 20 cm doormeter. Ook in die grootte ordes bestaan er enorm veel soorten, naargelang ieders budget en wensen. Voor meer details raadpleeg handboeken en catalogi.
  7. Je eerste ervaringen met een telescoop zullen je wellicht in meer of mindere mate een teleurtstelling bezorgen: piepkleine planetenschijfjes, ogenschijnlijk onvindbare en wazige nevels en melkwegen, de sterren zullen altijd puntjes blijven. Beelden zoals in tijdschriften en boeken zal je nooit zien. Wat volharding zal echter voor de nodige ervaring en voldoening zorgen. De Maan zorgt hoe dan ook altijd voor onvergetelijke beelden.
  8. Ook hier kunnen allerlei handleidingen en software je helpen bij het opzoeken van interessante objecten.
 

De Zon

  1. Vroeg of laat wil je met je telescoop ook eens naar de Zon kijken. De meeste telescopen zijn daarvoor helemaal niet uitgerust. Het gevaar voor ernstige en blijvende oogletsels is dus reŽel.
  2. Het groene filtertje dat bij de meeste telescopen wordt geleverd, is volkomen waardeloos en zelfs gevaarlijk. Werp het, om in de toekomst geen letsels op te lopen, onmiddellijk weg. Een vriend of familie kan misschien uit onwetendheid de telescoop en filter gebruiken en een oogletsel oplopen.
  3. Uitsluitend bruikbaar voor zonnewaarnemingen zijn:
    • het zonneprojectiescherm: een schermpje dat achteraan op de telescoop wordt bevestigd en waarop de Zon wordt geprojecteerd
    • een degelijk objectieffilter: wordt voor het objectief van de telescoop geplaatst en houdt de meeste zonnestraling tegen.
    • een veilig Herschel-prisma in combinatie met een filter: Dit prisma buigt het grootste deel van het zonlicht om.
    Er bestaat ook andere apparatuur die nog betere resulaten toelaat, maar deze zijn voor de meeste beginners onbereikbaar duur.
  4. Bij zonneprojectie zijn enkel de oculairen met vermelding H (Huygens), HM (Huygens-Mittenzwey), en R (Ramsden) hiervoor geschikt. Spijtig genoeg zijn dit de minder goede oculairen met een kleine doormeter. Al de rest wordt vroeg of laat onherroepelijk beschadigd.
  5. Scherm altijd de zoeker aan de voorkant af met een dopje of tape als je de Zon waarneemt!!! Anders riskeer je ook hier je ogen te beschadigen.
  6. Informeer de medekijkers voor de gevaren van het zonnekijken en laat ze altijd de nodige voorzorgsmaatregelen nemen.
AP&P Naar boven